CARVIO / CARVIUM / HERWEN

               

                CARVIO / CARVIUM / HERWEN

         ETYMOLOGISCHE SPROKKELS INZAKE CARVIO / CARVIUM / HERWEN

 

                                                            EXPOSE

                                       "niet CARVIO maar CARUIO -

                       CARVIUM is niet CARVIO is niet HERWEN"   

         

                               VAN HAN KAMERMANS UIT HERWEN

 

tekening van de inschrift op de grafsteen van de Romeinse soldaat Matcus Mallius, die in 1938 in de Bijlandse waard werd opgebaggerd. De grafsteen zelf bevindt zich in het Valkhof-museum te Nijmegen, een replica in de ingang van het Rijnwaardense gemeentehuis te Lobith.

 

 

                                                   INLEIDING EXPOSE

                                    "niet CARVIUM maar CARUIO -

                                  CARVIUM is niet CARVIO is niet HERWEN"

                (herhaling inleiding uit Home-pagina, rubriek CARVIO/CARVIUM/HERWEN)

 

                                                                     .................

 

 N.B.: de onderstaande tekst is overgenomen uit de Rijnwaarden-website wwww.rijnwaarden.nl  

   

      Latijnse tekst met aanvullingen                                Nederlandse vertaling 

M(arcus) MALLIUS                                        Marcus Mallius *

M(arci) F(ilius) GALER(ia tribus) GENUA       zoon van Marcus *, uit het kiesdistrict Galeria, uit Genua,

MILE(s) LEG(ionis) I RUSONIS                        soldaat van het Eerste Legioen, uit de eenheid van

                                                                    (centurio) Ruso                

ANNO(rum) XXXV STIP(endiorum) XVI         35 jaar oud, met 16 dienstjaren

CARVIO AD MOLEM                                      is te Carvium bij de dam

SEPULTUS EST EX TEST(amento)                   begraven- Op grond van zijn testament hebben zijn twee

HEREDES DUO F(ACIENDUM) C(uraverunt)     erfgenamen (deze steen) laten maken

* er is dus klaarblijkelijk sprake van 2 personen met de naam Marcus Mallius, d.w.z. vader en zoon

 

Hiertoe is aan te merken, dat er in de afgelopen 73 jaren (zo oud is ook Han Kamermans) klaarblijkelijk geen enkele twijfel aan de juistheid van de bovenstaande vertaling met betrekking tot de Romeinse inschrift CARVIO AD MOLEM als "te Carvium bij de dam" is opgekomen. Dit is uitermate vreemd, want ten eerste staat er dus CARVIO geschreven - en niet Carvium (zie volgende alinea) - en ten tweede valt op, dat het schriftteken "V" hier overal in de grafinschrift - net zoals in andere Romeinse grafinschriften elders ook - als een "U" wordt vertaald (MALLIUS, GENUA, RUSONIS, SEPULTUS, DUO). Echter niet bij CARVIO - daar is de "V" een "V" gebleven en dat is uitermate onlogisch. Zie hiertoe in het bijzonder ook de vertaling van GENVA met GENUA (en niet met GENVA) op de Mallius-grafsteen.

Weinig steekhoudend is ook de tot nu toe gebruikelijke verklaring van CARVIO als plaatsnaam uit CARVIUM als zogeheten "ablativus loci" (o.a. "Gelders Archief") - want de eenvoudige Romeinse steenhouwer, die de Mallius-grafsteen heeft gemaakt, zou met zekerheid CARVIUM gebeiteld hebben, wanneer hij kennis zou hebben gehad van deze al te gemakkelijke grammaticale NL-interpretatie......En  natuurlijk alleen, wanneer dan inderdaad ook een plaatsnaam bedoeld zou zijn! Wat hier dus aangetwijfeld wordt!

Wanneer CARVIO echter eveneens met een "U" als CARUIO(bitae) (en in het kader van het tekstdeel CARUIO(bitae) AD MOLEM SEPULTUS met een heel mooie  betekenis, zie hiertoe navolgend expose "NIET CARVIO MAAR CARUIO - CARVIO IS NIET CARVIUM IS NIET HERWEN") wordt vertaald, ziet alles er al heel anders uit en verdwijnt de plaatsnaam CARVIO zo te zeggen met stille trom van de landkaart (zie hiertoe ook expose van 9 pagina's in "Navigation"-rubriek CARVIO / CARVIUM / HERWEN). Overigens is CARVIO niet alleen als plaatsnaam op geen enkele oude kaart terug te vinden maar ook het Romeinse resp. Latijnse woord CARVIO als zodanig bestaat helemaal niet. CARVIO resp. het daaruit "vertaalde" Carvium hebben daarom met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid als Romeinse plaatsnaam in het kader van de NL-"limes" nooit bestaan. En ook AD MOLEM hoeft hier niet perse "bij de dam" te betekenen (ook al past het hier nog zo prima bij Carvio als plaatsnaam) want "materie" is in deze graftekst ook net zo goed mogelijk. Zoals bijvoorbeeld in de bekende spreuk "mens agitat molem" ("geest beweegt materie"). Zie hiertoe ook uitvoerig expose in "Navigation"-rubriek CARVIO / CARVIUM / HERWEN  

Er kan dus gesteld worden: CARVIO resp. Carvium berusten op foutieve vertalings-"speculaties" uit de eerste (oorlogs-)ontdekkingsjaren, die zich tot nu toe echter uitermate hardnekkig hebben gehouden. Terwijl het tekstdeel CARUIO(bitae) AD MOLEM SEPULTUS  zoals reeds gezegd eigenlijk een heel mooie betekenis heeft.

Deze speculatief-foutieve eerst-interpretatie van CARVIO AD MOLEM met "te Carvium bij de dam" is toentertijd wel ontstaan, omdat de begrippen "Romeins alfabet" en "Middeleeuws-Latijns alfabet" hier klaarblijkelijk door elkaar zijn gegooid: het "Romeinse alfabet" uit de tijd van Marcus Mallius kende immers geen "V" als letter "V" maar alleen het gebruik van de "V" als een "U" (en als getal vijf).  Het gebruik van de Romeinse "V" als expliciete letter "V" kwam pas op in de loop van de (Hoge) Middeleeuwen in het kader van een geleidelijke overgang van het "Romeinse alfabet" naar het "Middeleeuws-Latijnse alfabet".

Er zijn natuurlijk ook Romeinse woorden, die met een soort "V" (zachte "w") beginnen. Denken we hier bijvoorbeeld aan het keizer Julius Caesar toegeschreven gezegde "veni, vidi, vici". Dit is echter niet hetzelfde zoals bij de "vertaling" van CARVIO met een "V", want daar komen dan op deze manier twee medelinkers naast elkaar te staan. Daar is ook al om deze reden CARUIO(bitae) veel logischer. Want ook het (vergelijkbare) woord GENVA op deze grafsteen is hier, zoals reeds bovenstaand aangehaald, immers met GENUA vertaald - en niet met GENVA (met dan twee medeklinkers naast elkaar). 

De juiste vertaling van het (Romeinse) CARVIO kan daarom. zoals hier uiteengezet, alleen maar CARUIO(bitae) heten, zodat er voor Carvium in een dergelijke samenhang al helemaal geen plaats meer kan overblijven! 

En het onzalige "Carvium Novum"-project ("Romeins pretpark" tussen Elten en Lobith), dat over 10 jaar, na geweldige afgravingen voor de zand- en grindindustrie en na veel tegenstand, gepland is, zal dan zeker ook wel ombenoemd moeten worden.....Wanneer dit Romeinse "Carvium Novum"-pretpark-project tenminste deze 10 jaren "wachttijd" zal overleven - want de huidige toerist zit er in de geplande vorm zeker niet op te wachten, daar moet echt meer gebeuren. Bijvoorbeeld door ook de geweldige watervlakte als gevolg van de (uiterst diepe) afgravingen erbij te betrekken. Want kinderen willen nu eenmaal op het water en daar biedt zich een samenwerking met de Liburna Werf in Millingen a.d. Rijn (bouw van een Romeins schip met tentoonstelling over de Romeinen) prima aan - wat is er mooier dan bij het binnenkomen van Rijnwaarden via de verkeersweg Elten-Lobith-Tolkamer al geconfronteerd te worden met een echt Romeins schip.....  

Om de eerder genoemde redenen is het verder ook helemaal verkeerd, dat overal in de literatuur - ook hier in de Rijnwaarden-website - van een "Latijnse tekst" wordt gesproken - want daarmede is dus normaliter het MIddeleeuwse Latijn bedoeld. Het begrip "Romeinse tekst" is daarom voor deze Romeinse (Mallius-)tijd veel juister en preciezer. Zie voor nadere informaties met betrekking tot deze verrassende CARUIO-hypothese het stukje "niet CARVIO maar CARUIO - CARVIO is niet CARVIUM is niet HERWEN " in "Navigation"-rubriek CARVIO / CARVIUM / HERWEN

PS: bij een bezoekje van Katwijk aan Zee begin juli 20111 heb ik ook een bord ontdekt, dat bij de monding van de Oude Rijn in de Noordzee opgesteld staat. Op dit bord worden informaties over de Romeinse "limes"-grens verstrekt, die ooit langs de Rijn verliep. En op dit informatiebord staat te lezen: "Carvium: archeologisch aangetoond castella". Tja.....!

 

Zie hiertoe ook:

Siehe hierzu auch:

http://www.spiegel.de/kultur/gutenberg/dokument-64445029-id.html

mit Zitaten aus dem Werk:

Geschichte der Völkerwanderung

Phaidon Verlag, Erstveröffentlichung 1880

Viertes Kapitel:

"Römer und Germanen von der Varusschlacht bis zum Ende des batavischen Aufstandes"

"Sehr zu beklagen ist der Verlust genauer und zuverlässiger Nachrichten über diese Zeit, wie sie namentlich Livius und der ältere Plinius, wären diese uns erhalten, gewährt haben würden.

Des Varus Niederlage ward ein Wendepunkt der römischen Politik gegen die Germanen für immerdar".

sowie:

"Dennoch aber fühlte sich dieser nicht stark genug, die Städte der Bataver gegen den nun unaufhaltsam heranrückenden Cerealis mit den Waffen zu schützen; er raffte daher aus den genannten Ortschaften mit sich fort, was sich fortschleppen ließ, verbrannte das übrige und entwich auf die Insel, sich auf dieser sicher glaubend gegen die Verfolgung der Römer, denen es, wie er wußte, an Schiffen fehlte, um eine Brücke über den Fluß (d. h. die Waal) zu schlagen. Um jedoch seine Verfolger aufzuhalten, traf er zwei Veranstaltungen.

Erstens zerstörte er den Damm (diruit molem) des Drusus, d. h. den von Drusus am Clevischen Spyck zur Ableitung der Waal nach dem Rhein erbauten Wehrdamm. Das geschah hauptsächlich, um den Feind von Arenacum (Rindern) abzuhalten, indem durch die Zerstörung der Moles die Waal in ihr altes, vor Drusus inne gehabtes Bett stürzen, und Arenacum vom Feinde abschneiden sollte.

Die zweite Veranstaltung bestand darin, daß Civilis den Rhein, welcher nach der gallischen Seite hindrängte, durch Wegräumung der Dämme über den Boden der batavischen Insel nach der Waal und Maas hinstürzen ließ, um dem Cerealis das Vordringen auf diese unmöglich zu machen, wodurch das Bett des Rheines selbst so seicht ward, daß die Insel beinahe mit Germanien zusammenzuhängen schien".

Commentaar Han Kamermans:

de zogeheten "Drusus-dam" moet bij de toenmalige splitsing van de Waal en de Rijn in meer oostelijke richting hebben gelegen  - zoals hier beschreven dus bij Spyck en niet bij "Carvio" = Herwen ("Carvio" - Spyck ca. 5 km). Wanneer Carvio een Romeinse legerplaats zou zijn geweest, dan kan deze echter ook niet achter de splitsing van Rijn en Waal hebben gelegen maar juist ervoor, d.w.z op de "Spyckse" kant van de Rijn. En zeker niet op de "Nederlandse" kant want daar was immers dan geen water tussen Germanen en Romeinen. 

Want immers kon "op het "eiland" ("entwich auf die Insel"), dus achter de Rijn-splitsing, de "Drusus-dam" ook niet verdedigd worden. Dit omdat deze "Drusus-dam" natuurlijk geen doorgaande oever-oever-dam was ("um eine Brücke über den Fluß (d. h. die Waal) zu schlagen") maar alleen een soort vernauwing ("flessenhals") in de Rijn vanaf de Spyckse kant - er moest immers ook water door de Waal blijven stromen vanwegen "Ulpia Noviomagus Batavorum" (Nijmegen). De voorstaande beschrijving "indem durch die Zerstörung der Moles die Waal in ihr altes, vor Drusus inne gehabtes Bett stürzen enz" kan daarom niet kloppen: de Waal was immers niet geheel drooggelegd, er stroomde alleen minder water door. De Romeinse Limes verliep dus met aan zekerheid grenzende waarschjnlijkheid langs de Waal (Nijmegen) en niet langs de (Neder-)Rijn (Arnhem) - immers een doodgewone, klaarblijkelijk zo relatief makkelijk te vernielen dam ("Wehrdamm") kan voor het uiteindelijke verloop resp. de uiteindelijke verdediging van de Limes niet beslissend geweest zijn. 

CARVIO AD MOLEM met "Carvium bij de dam" te vertalen is daarom een uitermate gewilde en geheel foutieve interpretatie van een grafschrift op een 5 km stroomafwaarts (vanaf Spyck) gevonden Romeinse grafsteen. 

 

                                                          TEKST EXPOSE

                                    "niet CARVIO maar CARUIO -

                                   CARVIUM is niet CARVIO is niet HERWEN"

 

op aanvraag kan de EXPOSE-tekst ook per email worden toegestuurd.

N.B.: deze CARVIO AD MOLEM-tekst heeft tot nu toe niet veel bijval gevonden. Men verwijt mij, dat ik dat als leek beter aan de "Latijn-experts" zou moeten overlaten. En juist in dit opzicht ben ik mij niet zo zeker of van deze kant dan werkelijk ook "neutraal" (vanwege "mainstream"-effect)  geargumenteerd wordt....

 

auf Anfrage kann der EXPOSE-Text auch per Email zugeschickt werden.

N.B.: diese CARVIO AD MOLEM-Interpretation ist bis heute auf wenig Gegenliebe gestossen - man wirft mit vor, das ich das als Laie doch besser den "Latein-Experten" überlassen sollte. Und gerade da bin ich mir nicht so sichter, ob von dieser Seite dann tatsächlich auch "neutral" (wg "mainstream"-Effekt) argumentiert wird.....

N.B.:
 
Weer een andere verklaring voor het ontstaan van de plaatsnaam Herwen gaat terug op het Keltische "karwo".  Dit woord betekent "hert" en is verwant met het Franse "cerf "(hert) resp. het Latijnse "cervus".
 
Dit zou dus eveneens een min of meer logische verklaring voor de oorsprong van de plaatsnaam Herwen kunnen zijn, net zoals dit ook voor de voorstaande "Harauua"-verklaring mag gelden. De "Romeinse" verklaring van de plaatsnaam Herwen via Carvio / Carvium is echter gewoonweg onzin. 
 

                                              CARVIO / CARVIUM / HERWEN

             het bovenstaande (Duitse) YouTube-video maakt duidelijk hoe eenzijdig de geschiedenis

             rondom de Romeinse vondsten in de Byland geinterpreteerd wordt: "Het moet zo zijn

             geweest, omdat de huidige "geschiedsvervalsing" dat zo wil . En niet anders". Of het

             wel allemaal inderdaad zo afgelopen is, zoals hier bombastisch gesteld wordt ("Drusus-

             dam in de Waal!") speelt dan klaarblijkelijk geen enkele rol meer. 

           

            het oude (verdronken) Herwen en het nieuwe Herwen

                                  het oude (Kleefs/Pruissische) Herwen rondom de kerk

                     Kerkbuurt van het oude Herwen in 1742 naar een tekening van Jan de Beyer

                                                           het oude Herwen

2 citaten uit website www.chrisvankeulen.nl:

1760)  "Het oorspronkelijke dorp Herwen, wordt door het wassende water van de Waal verzwolgen. De bewoners hebben dit destijds al lang van te voren zien aankomen en hebben geleidelijk hun woningen afgebroken en herbouwd aan de Rijndijk, daar waar sinds 1819 de RK- kerk staat en aan de Ringdam".

1817 ) "Lobith, Spijk, 's-Gravenwaard, Bijlandse waard en Kijfwaard tot begin 1817 Duits,  Liemers-landkaart rond 1700" (uit website "genealogie Keulen"). Lobith enz. (zie bovenstaande opsomming) maakten tot begin 1817 deel uit van het hertogdom Kleve resp. het "Königreich Preussen" (1701-1918). 

Nadat het "Congres van Wenen" in 1815 nieuwe grenzen in Europa had getrokken, werden Lobith, Spijk, 's-Gravenwaard, Bijlandse waard en Kijfwaard als laatste oorspronkelijk Duitse gebieden pas op 1 maart 1817 bij Nederland gevoegd. Dit gold ook voor de beide enclaves Leuth en Kekerdom op de andere kant van de Waal/Rijn. Deze gebieden waren bij de eerste overdracht van de Kleefse/Pruissische enclaves Zevenaar, Huissen, ambt Lymers, ambt Malburgen met heerlijkheid Hulhuizen alsmede de heerlijkheid Wehl op 1 juni 1816 aan het koninkrijk der Nederlanden namelijk gewoonweg "vergeten"......

"Rijnwaarden" behoort dus pas iets minder dan 200 jaar officieel tot Nederland en het oude Herwen in de Bijlandse waard was in zijn ondergangstijd dus eigenlijk een Duits dorp. En zeker uitermate interesssant aspekt voor het feit, dat men in het huidige Rijnwaarden zo met de rug naar Duitsland staat !

Het oude dorp Herwen was dus volgens de kaart uit 1800 (zie "Navigation"-rubriek BRAINSTORMING TOLKAMER, rubriek DUITS-NEDRLANDS VERLEDEN) eigenlijk een Kleefs/Pruissisch dorp, dat op de andere kant van de nieuwe Waaldijk als het nieuwe (Nederlandse) dorp Herwen weer werd opgebouwd. Een andere, echter tamelijk onwaarschijnlijke mogelijkheid zou nog kunnen zijn, dat de Kleef/Pruisische grens ooit met de meanderende Waal naar boven geschoven is en het verdronken dorp Herwen zodoende pas later op Kleefs/Pruissisch gebied kwam te liggen. Waarschijnlijker is echter dat ook de Bijlandse waard - die ooit "De Over Betuw" (op prent uit 1635) heette - bij de verpanding in 1406 al Kleefs/Pruisisch gebied is geworden. Citaat uit website van Keulen-Polman: "1406  Ambt Liemers (o.a. Zevenaar, Duiven, Loo, Groessen, Wehl en Lobith), van oorsprong Gelders grondgebied, wordt door Reinoud IV van Gelre aan het graafschap Kleef (Kleve) verpand".

Ondergegaan is met het oude Herwen overigens ook "'t Huys de Byland". Dit kasteel ist vastgehouden op twee prenten van Jan de Beijer (1703-1780) uit het jaar 1735 en in een gewassen pentekening door Cornelis Pronk (1691-1759) uit de laatste dagen van het kasteel. 

 

                                                                   "t Huys de Byland"

 

                                                         het nieuwe Herwen

                           RK-kerk in het nieuwe Herwen aan de Keurbeek

In 1819 werd op initiatief van baron van Hugenpoth als eerste kerk de zogeheten "Waterstaatskerk" gebouwd. Omdat deze kerk slecht gebouwd was en bovendien te klein, werd rond de eeuwwisseling door architect Tepe uit Utrecht een nieuwe kerk ontworprn, die op 2 mei 1905 door de aartsbisschop van Utrecht werd ingewijd. Kerk en interieur hebben sinds de eeuwwisseling de status van "Rijksmonument".

                                         HERWEN WEER ONDER WATER

1926    Watersnood in de Liemers als gevolg van een dijkdoorbraak op 5 januari in Pannerden. Het water bereikte ook hier weer Herwen, dat tot 1 meter onder water kwam te staan

"De gearceerde gebieden staan in het voorjaar van 1926 onder water. In Pannerden staat alleen de hogergelegen boerderij van "Van Keulen" niet onder water. Op bepaalde plaatsen bereikt het water een hoogte van meer dan drie meter. Ook landelijk trekt de watersnood grote aandacht. Mariniers schieten de bevolking te hulp. Op 7 januari 1926 brengt koningin Wilhelmina een bezoek aan Pannerden om de situatie in ogenschouw te nemen. De bevolking van de Liemers is in het verleden vaak geconfronteerd met de gevolgen van hoog water. Andere hoogwaterjaren van de laatste 125 jaar zijn:

1882, 1883, 1906, 1914, 1920, 1930, 1946, 1948, 1952, 1955, 1957, 1865, 1966, 1970 en 1995                                                                                         

 citaat en foto uit website van Keulen 

 

 

                                                  

                                      nieuw interesse voor het oude Herwen

citaat uit website www.verdronkendorpen.nl:

Verdronken Herwen

"Het plaatsje Herwen bestaat nog wel, maar vroeger lag het ergens anders. Als je bij het nieuwe
Herwen naar het zuiden gaat kom je bij een plas, een vriendelijk recreatiegebied, een uitstulping van   het Bijlandsch Kanaal. Daar, op het schiereilandje in het water, lag ooit het dorp Herwen, dat veel te verduren heeft gehad. Met kerk en al was het gesitueerd op deze plek die we nu Bijland noemen.

Kanaal graven
In de periode voor 1700 stroomde er niet al te veel water door de Rijn. Het meeste water kwam zoals gezegd terecht in de Waal. Daar waren de Nijmegenaren natuurlijk blij mee, maar Arnhem, dat aan de Nederrijn ligt, bepaald niet. Tegen de zin van Nijmegen besloot men een kanaal naar het noorden te graven. Voor Herwen, Aerdt en Pannerden zelf was dit geen prettige boodschap. Omdat deze dorpen ten oosten van dit kanaal lagen, zouden ze buiten het defensiegebied vallen en als de dijken doorgestoken moesten worden vanwege hoog water, zouden zij onder water komen te liggen. Maar omdat bij Pannerden al een flinke sprang naar het noorden liep, lag het voor de hand om daar een kanaal te graven.
Het ontstaan van het kanaal had grote gevolgen voor Herwen. Het water stroomde snel door het kanaal, de stromingen veranderden en de rivier begon zichzelf verder uit te slijpen in de richting van het oude Herwen. Jaar na jaar kroop de rivier dichterbij. Steeds vaker ondervond het dorp hinder van de nieuwe situatie, en het ene na het andere dijkje spoelde weg.
In de winter van 1763-1764 spoelde de kerk van Herwen weg, samen met de huizen van het dorp. Herwen is verdwenen, dat wil zeggen: het oude Herwen. Een paar kilometer verderop, hoger op het land is nu weer een plaatsje dat Herwen heet.

Het volledige verhaal vind je in het boekje 'Verdronken dorpen' van Jan en Sanne Terlouw, dat voor € 7,95 te koop is bij de VVV's en de betere boekhandels in de regio.

Verdronken Herwen foto kunstwerk.jpg
Foto: Tuimelende huizen van Alphons ter Avest

Locatie
Puttmanskrib (fietspad langs recreatieplas de Bijland)  GPS: 51.87570, 6.09170

Kunstenaar
Alphons Ter Avest (1960)
De kunstenaar nam deel aan vele tentoonstellingen en maakt regelmatig werk voor de openbare ruimte. Zo staat er sinds kort een beeld van een reusachtige uil van zijn hand in Hatert (Nijmegen).

Kunstwerk
Het kunstwerk van Alphons ter Avest bestaat uit een uit sloophout opgebouwd karkas van een huis dat op het punt staat te verdrinken. Dit is een letterlijke vertaling van wat er feitelijk zou kunnen zijn voorgevallen. Dit letterlijke karakter is een sterk kenmerk van het werk van Ter Avest, dat vaak bestaat uit 'uitvergroting' van de werkelijkheid in bijzondere materialen. Het dramatische gebaar van dit werk doet direct een beroep op de aandacht van de nietsvermoedende voorbijganger, ook als die niet met kunst bekend is".

 

     "tuimelende huizen"-reminiscentie aan "het oude Herwen"

Ter herinnering aan het "verdronken dorp Herwen" heeft de kunstenaar Alphons Bosco Maria ter Avest (uit Arnhem, jaargang 1960) in Juli 2011 in de Bijland twee "huizen" gebouwd, die de plaats markeren, waar "het oude Herwen" rond 1760 is ondergegaan. Zie hiertoe ook onderstaand YouTube-video van matige kwaliteit maar wel leuk omdat hier iemand eindelijk iets doet met dit hooginteressante "ondergangs"-item.....En deze persoon ook "van buiten" komt. net zoals bij Han Kamermans het geval !

 

                        HERINNERINGSBORD MET GEDICHT ESTHER JANSMA

In samenwerking met het Arnhemse "Regionaal Bureau voor Toerisme" (project "Verdronken Dorpen") is er verder aan de plek, waar ooit het oude Herwen lag, nog een bord met een gedicht van Esther Jansma opgesteld. Goed idee ! Men zou vanuit het TIC nu zeker ook excursies daarheen kunnen organiseren.

Reeds vroeger is bij wethouder Jos Lamers van Rijnwaarden door Han Kamermans aangedragen (zie "Navigation"-rubriek BRAINSTORMING TOLKAMER, BRAINSTORMING-rondomslag item 11), dat het verdronken, ooit Kleefse dorp Herwen zeker ook zeer interessant is voor de Duitse toerist. En dat vanwege het feit, dat in Duitsland (NRW) al zoveel dorpen verdwenen zijn resp. nog steeds moeten verdwijnen vanwege de grootschalige bruinkoolwinning aan de oppervlakte (o.a. "Garzweiler" bij Jülich) maar ook in vroegere tijden bij de bouw van stuwdammen (o.a. "Rursee" in de Eifel). De geschiedenis van Oud-Herwen kan dus tot een prachtig item voor de toeristische promotie van Rijnwaarden uitgroeien !


Eigene Webseite von Beepworld
 
Verantwortlich für den Inhalt dieser Seite ist ausschließlich der
Autor dieser Homepage, kontaktierbar über dieses Formular!